|

|
Geschiedenis:
Het Assendelfts Hoen is ontstaan in de
omgeving van het dorp Assendelft in Noord-Holland.
Het gaat hier om een oud Nederlands ras, dat
vermoedelijk in de 16e eeuw is
ontstaan. Momenteel komt het niet meer zoveel
voor.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen: Het
Assendelfts Hoen is slank en licht van bouw en doet
denken aan het Friese en het Hollandse Hoen. Het is
een sterk en vitaal ras met een behoorlijke
eiproductie. Ze worden echter maar zelden broeds. Ze
komen voornamelijk voor in vier kleurenvariaties,
geelpel, zilverpel, geelwitpel en citroenpel.

|
|

|
Geschiedenis: De
Barnevelder is veruit de bekendste kip van
Nederland en dankt zijn naam aan de
gelijknamige plaats op de Veluwe. Rond 1900
wilde men graag een kip die bruine eieren kon
leggen en zodoende werd de Barnevelder gefokt.
Het is een kip die over de gehele wereld
bekend is geworden.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
De Barnevelder is een rustige en vriendelijke
middelgroot hoen. Qua kleur is het meest
bekend de goudbruine dubbelgezoomde kleurslag.
Er komen echter ook witte, zwarte en
blauwgezoomde voor. Het zijn geweldige
legkippen die met een goede verzorging ook in
de winter nog een flink aantal eieren leggen.
De hennen worden in principe niet broeds.
|
Brabanter
|

Voor
informatie: Brabanter.Kraaikop.Uilebaard.-Club,
Telefoon: 0521-321082
|
|

|
Geschiedenis:
De Chabo is een ras dat al vele eeuwen in
Nederland is. Op het schilderij ‘De
Hoenderhof’ (1660) van Jan Steen staat al
een Chabo haan afgebeeld. De Chabo is door
Nederlandse zeelieden meegebracht vanuit Japan
naar Nederland. Het ras werd in Japan gefokt
vanwege zijn extreme vormen, iets waar
Japanners gek op zijn. De oorspronkelijke
Chabo komt waarschijnlijk uit het vroegere
Chabo (het tegenwoordige Vietnam).
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen De
Chabo is een rustig kippenras met veel ronde
vormen. Een Chabo moet vooral klein zijn en
daarbij moet het dier korte dikke benen
hebben. Door deze korte benen lijkt het net of
de Chabo geen beentjes heeft en lijkt het of
de Chabo niet loopt maar schuift. Verder heeft
de Chabo een grote, rechtopstaande staart met
rijke sierbevedering. De kam is t.o.v. de kop
relatief groot. De Chabo is in Nederland
erkend in vele kleurslagen. Pas echt bijzonder
is dat de Chabo in een paar variëteiten
voorkomt; de normaal bevederde soorten, de
krulvederige, de zijdevederige en de
bolstaartige. De Chabo is een echt
liefhebbersras.

|
|

|
Geschiedenis:
Het Drentse Hoen is een van de oudste rassen
van ons land. Uit onderzoek blijkt dat het
Drentse Hoen al voor het begin van onze
jaartelling in ons land voorkwam. Het Drentse
Hoen staat dicht bij het Bankivahoen. Dit is
de oorspronkelijke wilde kip die als stamvader
wordt gezien van de huidige hoenders.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
Het Drentse Hoen is een lichtgebouwd landhoen
waarin alle specifieke kenmerken van de oude
Europese landhoenders bewaard zijn gebleven.
De bekendste kleurslagen zijn : patrijs,
gezoomd patrijs, zilverpatrijs en gezoomd
zilverpatrijs, geelpatrijs en gezoomd
geelpatrijs. De houding is opgericht
(parmantig). De royaal ontwikkelde staart
wordt hoog gedragen. Drentse hoenders komen
ook staartloos voor. Het is een ras dat
redelijk goed eieren legt, maar niet of
nauwelijks broeds wordt.

|
|
Een
foto volgt binnenkort
|
Geschiedenis:
Het
Friese Hoen is al eeuwen oud en is, zoals
zijn naam al doet vermoeden, ontstaan in
Friesland. Het Friese Hoen staat net als het
Drentse Hoen dicht bij de oorspronkelijke
wilde kip, het Bankivahoen. De
Bankivahoenders zijn de voorouders geweest
van de huidige hoenders.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
Het Friese Hoen is een vitaal en sterk
ras. Opvallend aan de hennen is de vrij
grote kam met vijf punten. Daarnaast zijn
het uitstekende eieren legsters, die niet of
nauwelijks broeds worden. Ze komen maar
liefst voor in elf verschillende
kleurslagen. Het ras is bijzonder populair.
Voor informatie: Fryske Hinne Club Friese
Hoender Club, e-mail: kvdhoek@noknok.nl
|
|

|
Geschiedenis:
De
Groninger Meeuw is aan het einde van de 19e
eeuw ontstaan in Groningen. Over de
oorsprong van de Groninger Meeuw is weinig
bekend. Het ras is echter in 1919 officieel
erkend. Het had niet veel gescheeld of het
ras was 20 jaar geleden uitgestorven. Door
de oprichting van de Groninger Meeuwen Club
is dit gelukkig voorkomen. Momenteel heeft
men 160 leden.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
De Groninger Meeuw is een prettig en
gemakkelijk ras dat goed kan vliegen. Een
eigenschap waar men rekening mee moet houden
wanneer men ze los wil laten lopen. De
hennen zijn goede eieren leggers die ook op
oudere leeftijd nog redelijk blijven leggen.
Ze worden echter niet of nauwelijks broeds.
Zilverpel en goudpel zijn de bekendste
kleurslagen. Sinds kort kent men ook de
kleurslag citroenpel. Alle kleurslagen komen
voor in zowel groot als krielformaat.

|
|

|
Geschiedenis:
Het
Hollandse Hoen kwam al in de 16e
in Nederland voor en is een van onze
belangrijkste nationale rassen. Het is niet
duidelijk waar de naam Hollands Hoen vandaan
komt. Internationaal is het een populair ras
en dan onder de naam Hamburger bekend.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
Het Hollandse Hoen is een sierlijk, levendig
en sterk ras en het zijn uitstekende
leggers, die ook in de winter nog een flink
aantal eieren kunnen leggen. Broedsheid komt
echter weinig voor. Er zijn zeer veel
verschillende kleurslagen. Het formaat van
de hoen kan nogal verschillen.
|
|

|
Geschiedenis:
De
Hollandse Kriel komt al eeuwen in Nederland
voor. Uit
genetisch onderzoek is ge-bleken dat het ras
verwant is met de Drentse, Friese en andere
Oud Nederlandse rassen en dus
waar-schijnlijk niets anders is dan een
dwergvorm ontstaan uit Oud Nederlandse
landrassen. Aan het begin van de 20e eeuw
werd de basis gelegd voor zijn huidige vorm.
Ooit begonnen als een 'patrijs boeren kriel'
is het ras intussen uitgegroeid tot een
fraai ras voor liefhebbers en
tentoonstellingsfokkers.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
Het is een oorspronkelijk krielenras, wat
wil zeggen dat er geen grote hoender van
bestaat. Het is een parmant en levendig
kriel, dat goed bestand is tegen ons
klimaat. Ze stellen geen hoge eisen aan hun
verzorging. Van oorsprong zijn ze
patrijskleurig, tegenwoordig zijn er echter
wel 22 verschillende kleurslagen. Ook in de
winter leggen de hennen goed en ze worden
makkelijk broeds.
|
|

|
Geschiedenis:
Kuifhoenders
zijn al vele eeuwen bekend. De eerste
vermelding van dit ras in Nederland stamt
uit de 15e eeuw en daarbij worden
ze in Noord-Holland gesitueerd. Het ging
hier om witte hoenders met een zwarte kuif.
Een kleurslag die tegenwoordig zeldzaam is.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
Het
Hollandse Kuifhoen is een sierlijk ras met
een mooie volle kuif. Ze hebben een
parmantige houding en het zijn vriendelijke
dieren met een rustig karakter.De meest
voorkomende kleurslag is zwart met een witte
kuif. Daarnaast zijn er nog ongeveer 6
kleurslagen. Ze worden zelden broeds, maar
de hennen leggen goed eieren. Door de kuif
hebben ze iets meer aandacht nodig bij de
verzorging en ze kunnen het best overdekt
gehouden worden omdat anders de kuif er niet
meer toonbaar uitziet.

|
|

|
Geschiedenis:
De
Javakriel is een van de oudst bekende
krielenrassen ter wereld. Over het land van
herkomst bestaat nogal wat onduidelijkheid.
Met name Engeland, maar soms ook Nederland,
wordt als land van herkomst genoemd.
Volgens sommige zouden ze van oorsprong
afkomstig zijn uit Japan en door zeevaarders
naar Europa zijn meegebracht.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
De huidige vorm is ongeveer 100 jaar geleden
ontstaan. Ze zijn klein, levendig en zeer
sierlijk. Buiten de trotse
houding zijn met name de grote witte
oorlellen een opvallend kenmerk van de
Javakriel. De hennetjes leggen goed en
worden makkelijk broeds. Van oorsprong waren
er twee kleurslagen, zwart en wit. Momenteel
zijn er wel 19 kleurslagen.
|
|

|
Geschiedenis:
De
lakenvelder is een zeer oud Nederlands ras
wat al omstreeks 1700 in ons land voorkwam.
Dit ras heeft een bijzonder tekeningpatroon
wat bekent staat als de lakenveldertekening,
net als bij de lakenvelder koeien en geiten.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen: De
Lakenvelder is een lichtgebouwd hoen van het
landtype. Het is een levendig ras wat
bijzonder sterk is. De lakenvelder legt
matig, circa 110 a 150 middelmatig grote
witte eieren per jaar. De hennen worden
slecht broeds

|
|

|
Geschiedenis:
De
Leghorn is in het Italiaanse plaatsje Livorno
ontstaan. Leghorn is dan ook de Engelse naam
voor Livorno. Buiten Italie is de Leghorn tot
de huidige standaard gebracht.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen: In
de verschillende landen ontstonden Leghorns
van een uiteenlopend type. Ze hebben echter
een paar overeen-komsten, ze hebben allemaal
gele benen en witte oren. In Nederland kennen
we drie verschillende typen Leghorns,
namelijk: het Nederlandse, het Engelse en het
Amerikaanse type. Alle drie de typen komen
voor in zowel groot als kriel formaat.
Opvallend uiterlijk kenmerk aan de hen is, de
naar 1 kant omgevallen kam. Er zijn zeer veel
verschillende kleurslagen. www.leghorn.nl

|
|

|
Geschiedenis:
De
Nederlandse Sabelpoot is het oudste krielenras
van Nederland. Als eerste werden ze vermeld in
Zuid-Nederland. Dit ras komt op meerdere
plaatsen over de hele wereld voor. Het is toch
tot Nederlands ras verheven omdat de kriel het
hier al op 16e eeuwse schilderijen
voorkomt.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
De Nederlandse Sabelpoot heeft een fiere
houding. Het meest opvallende is de prachtig
opgerichte staart en de voetbevedering. De
naam slaat op de stijve veren die uit de dij
groeien. Deze zogenaamde gierhakken lijken net
op een sabel. De hennen zijn redelijke leggers
en worden makkelijk broeds.

|
|

|
Geschiedenis:
De
Noord-Hollandse Blauwe is rond 1900 in de
omgeving van Zaanstad ontstaan. Dit ras komt
vermoedelijk voort uit kruisingen van de
Mechelse Koekoek. Bij de ontwikkeling werd
gestreefd naar een goed bevleesd hoen met een
goede eiproductie.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
De
Noord-Hollandse Blauwe is zwaar gebouwd en
genoemd naar zijn blauwgrijze(koekoekskleur).
De hennen leggen goed en soms komt de
zo-genaamde winterleg voor. De hennen worden
makkelijk broeds.

|
|

|
Geschiedenis:
Sinds
de 16e eeuw zijn er Baard-
kuifhoenders in Nederland. Ze kwamen met name
voor in de kuststreken en een echt
ontstaansgebied in Nederland is niet bekend.
Vroeger werd dit ras Padua genoemd. Ze hebben
veel overeenkomsten met het Hollandse
Kuifhoen.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
Het
Nederlandse Baardkuifhoen is een bijzonder
fraai ras dat vrij zeldzaam is geworden. Dit
ras heeft in plaats van een kam een fraaie
toef veren op zijn kop en daarnaast hebben ze
ook nog een baard van veren. Ook bij dit ras
dient men extra aandacht aan de verzorging te
geven(zie Hollands Kuifhoen). De hennen worden
niet of nauwelijks broeds en ze leggen minder
eieren dan andere hoenderrassen.

|
|

|
Geschiedenis:
De
Sebright is een oud Engels
ras onstaan rond het jaar 1800. Het is
een typisch sierras en erg polpulair onder de
fokkers.
Uiterlijke
kenmerken en eigenschappen:
De
Sebright kriel is een piepklein, tam vitaal
kipje dat spaarzaam is met eieren.
Hanen
zijn hennevederig d.w.z. dat de sierveren
ontbreken. Op een Gouden, Zilverwitte of
Citroengele ondergrond zijn de veren van deze
krielen fijn met zwart omzoomd. De haantjes
zijn wat donkerder in de kopversiering. Wat de
huisvesting betreft stellen ze geen hoge
eisen. Het karakter van de Sebright is rustig
en ze zijn zeer snel handtam te maken.
Het
gewicht van de hen is circa 550 gram en dat
van de haan circa 650 gram.

|
|
|